| Een klinisch pad is een beschrijving van taakafspraken tussen de verschillende disciplines rond de zorg van een specifieke patiëntengroep (in casu: postpartum na normale vaginale bevalling) met als dubbele doelstelling de zorg rondom de patiënt te structureren én de zorg van de verschillende disciplines op elkaar af te stemmen. Kortom, een klinisch pad tekent uit wat er op welk moment gedaan moet worden door wie en op welke wijze.
AZ Sint-Lucas maakt deel uit van het netwerk klinische paden van het Centrum voor Ziekenhuis- en Verplegingswetenschap van de KU Leuven. In de werkgroep verloskunde namen zestien ziekenhuizen in januari 2002 deel aan een voormeting. Elk ziekenhuis nam een vragenlijst door met 25 opeenvolgende patiënten met een vaginale bevalling en een zwangerschapsduur van minimum 37 weken. De gegevens werden verwerkt door het CZV en elk ziekenhuis ontving feedback met pluspunten en werkpunten. Pluspunten voor AZ Sint-Lucas waren onder meer de prenatale lessen, de uitleg over de voorbereiding van de bevalling, de kwaliteit van de dagrust en de flexibiliteit om de zorg op de individuele situatie van de patiënte af te stemmen. Werkpunten waren de kwaliteit van de nachtrust, de pijnbeleving, de informatieverstrekking voor een optimaal ontslag en de éénduidigheid van de informatie. Het spreekt voor zich dat deze pluspunten en werkpunten opgenomen werden bij het ontwerp van het klinisch pad. Er werd een werkgroep samengesteld bestaande uit een gynaecoloog, een kinderarts, het diensthoofd zorg, twee hoofdvroedvrouwen, een vroedvrouw, een verpleegkundige, een verpleegkundige van Kind & Gezin en een sociaal verpleegkundige. De doelstellingen waren duidelijk: een geïntegreerde en evidence-based moeder-kindzorg, een correcte informatieverstrekking, een optimaal voorbereid ontslag, een verblijfsduur van vier à vijf dagen. Kan aan deze doelstellingen tegemoet gekomen worden, dan plukt de patiënte daarvan de vruchten: zij is goed geïnformeerd, zelfredzaam, pijnvrij en krijgt voldoende rust.
De violen stemmen
Het is natuurlijk geen sinecure om alle violen te stemmen. AZ Sint-Lucas telt zestien gynaecologen en negen kinderartsen die werken op twee verpleegafdelingen en een verloskwartier. Toch blijft éénvormigheid een absolute vereiste. Elke patiënte komt in de loop van haar verblijf met verschillende artsen en zorgverstrekkers in contact; als die niet allemaal op één lijn zitten, schept dat alleen maar verwarring. Er is éénvormigheid nodig in medicatiebeleid, in pijnbeleid, in informatieverstrekking,… Gelukkig hoefde niet van nul vertrokken te worden. Er bestond al een degelijke postpartumfiche (zorgen voor de moeder) en een kinderfiche (gegevens en zorgen voor de baby). Het klinisch pad kon in deze beide fiches geïntegreerd worden. Bovendien bleek de bestaande postpartumprocedure een grote hulp, net als het borstvoedingsbeleid dat in 2002 werd uitgewerkt.
Postpartumfiche
De aangepaste postpartumfiche geeft duidelijk aan welke taken op welke dag vervuld moeten worden. Elke zorg die verstrekt is of elke info die gegeven is, wordt op de fiche ingevuld. Elke zorgverstrekker die van dienst is, zet zijn paraaf op het formulier. Zo weet iedereen op elk ogenblik wat er wanneer gebeurd is en door wie. De fiche bevat gegevens over de hygiëne, mobiliteit, uitscheiding, voeding, zelfstandigheidstraining, emotionele gesteldheid, vitale parameters, fysieke parameters, chirurgische wonden, traumatische wonden, onderzoeken, anamnese en opname en ontslag.
Eén blik op de fiche toont niet alleen de medische toestand van de patiënte, maar vertelt ook of de vrouw al dan niet al informatie kreeg over de geboorteaangifte, over de opnameduur en het ontslaguur of over de thuiszorg. Ook de informatie die door gynaecoloog (contraceptie, seksualiteit, nacontrole, vitamines) en de kinderarts (voedingsschema, vitamines, op stap met baby, info slaapstudie) gegeven moet worden, is in de postpartumfiche geïntegreerd, zodat niets over het hoofd gezien kan worden.
Voor de informatieverstrekking postnataal is op de achterzijde van de postpartumfiche overigens een apart schema opgemaakt, dat dag na dag in kaart brengt welke informatie gegeven moet worden in verband met borstvoeding/flesvoeding, zorg voor de baby en zorg voor de moeder.
Veel staat of valt natuurlijk met een correcte invulling en opvolging van de postpartumfiche. Het blijkt in de praktijk echter zo’n handig instrument te zijn, dat het perfect gebruikt kan worden bij de overdracht van diensten (vroegdienst – late dienst – nachtdienst), wat een extra garantie inhoudt.
Kinderfiche
Ook voor de gegevens over en de zorgen voor de baby bestond al een kinderfiche, die met het opmaken van het klinisch pad enigszins bijgewerkt is. Ook hier weer de structuur die dag na dag aangeeft wat door wie moet gebeuren en welke gegevens bijgehouden moeten worden. Deze fiche blijft altijd bij het kind. Elke arts of zorgverstrekker kan de fiche op elk moment raadplegen. De moeder wordt gestimuleerd om mee de fiche te helpen invullen, bijvoorbeeld wat het tijdstip van de voeding betreft of het zuiggedrag van de baby. Bij ontslag krijgen de moeders een kopie van deze fiche mee naar huis, wat erg op prijs wordt gesteld.
Op de fiche wordt het gewicht gevolgd, de voeding, de navelverzorging, de ontlasting en de urine en staan de afspraken rond onder meer glycemieprotocol, hepatitis B, icterus en hielprik.
Slotbedenking
Voor een optimale communicatie is het niet alleen belangrijk wie wat wanneer zegt, maar ook hoe dat gebeurt. Ook daar is men zich op de materniteit AZ Sint-Lucas tenvolle van bewust. Op de presentatie van het klinisch pad in de Katho in Kortrijk speelden hoofdvroedvrouwen Hilde Lippens en Hildegarde Vermassen een kort rollenspel met een studente vroedkunde, waarbij dezelfde informatie over het geven van de hielprik op twee verschillende manier werd aangebracht: hoe het niet moet en hoe het wél kan. Meteen werd de studenten op een ludieke manier duidelijk dat een klinisch pad een schitterend hulpmiddel, instrument en leidraad kan zijn, maar dat goede, betrouwbare zorg daar niet bij ophoudt!
|