09 224 61 11

Lettergrootte: a a a

Diabetesvoet

________________________________________________________________________

Diabetesvoet is een verzamelnaam voor diverse voetafwijkingen die kunnen ontstaan bij diabetespatiënten. De voetafwijkingen ontstaan door vaatletsels, zenuwaantasting en verminderde beweeglijkheid van gewrichten met wonden tot gevolg. Deze wonden zijn moeilijk te genezen en kunnen door infectie gecompliceerd worden.

  • Hebt u een “risicovoet” dan kan de huisarts u twee keer per jaar naar de podoloog verwijzen. 
  • Hebt u een voetwonde dan kun u terecht in de voetkliniek waar u recht hebt op de tussenkomst van de podoloog en de diabetes/wondzorgverpleegkundige.
 

De diabetesvoetkliniek

In België bestaan er momenteel 37 erkende multidisciplinaire diabetische voetklinieken. Bij diabetici komen voetproblemen frequent voor en ze kunnen leiden tot ernstige complicaties. Door de aanwezigheid van een multidisciplinair team en de nodige expertise in deze voetklinieken kan een voetprobleem correct worden aangepakt. De diabetesvoetkliniek is toegankelijk voor diabetespatiënten:

  • die opgenomen zijn in een diabetesconventie;
  • die opgenomen zijn in een zorgtraject;
  • die opgevolgd worden in het kader van 'voortraject diabetes'.
Binnen het team van de voetkliniek kunt u ook terecht bij de orthopedische schoentechnoloog voor steunzolen, verband - of ontlastingsschoenen en (semi-)orthopedische schoenen. De vernieuwingstermijn en uw eigen aandeel is afhankelijk van de pathologie. Onze schoenmaker licht u hier graag verder over in. 

 

Klachten

Klachten bij aantasting van de bloedvaten:

  • zeer kwetsbare huid
  • wondjes die slecht genezen
  • koude voeten
  • roodpaarse voeten
  • verminderde beharing

Klachten bij aantasting van de zenuwbanen

  • tintelingen of een verminderd gevoel ter hoogte van de voeten
  • kloven
  • eelt
  • vervorming van de tenen
  • verzakking van de voetzool

Diabetespatiënten moeten regelmatig nagezien worden door een arts op de eerste tekenen van voetafwijkingen. Deze tekenen zijn: slechte doorbloeding, zenuwaantasting, verminderde mobiliteit, vormafwijkingen, wonden, kloven, eeltknobbels ...

 

 

Waar kunt u zelf op letten

Voethygiëne

  • Was uw voeten dagelijks, droog ze zeer goed af, zeker tussen de tenen.
  • Controleer altijd de temperatuur van het water met uw elleboog of hand.
  • Wrijf na het wassen uw voeten in met een hydraterende zalf of crème (niet tussen de tenen).
  • Controleer dagelijks uw voeten op wondjes, eelt, verkleuring ...
  • Verwijder eelt met een puimsteen.
  • Knip uw nagels recht en niet te kort af.
  • Ingegroeide nagels en eelt laat u het best verzorgen door een podoloog.
  • Gebruik nooit een metalen of scherp voorwerp om uw voeten te verzorgen.
 

Schoeisel

  • Draag altijd schoeisel dat goed past en de voeten goed beschermt.
  • Draag geen schoeisel dat te ruim of te strak zit.
  • Vermijd te hoge hakken (max. drie cm).
  • Controleer regelmatig de binnenkant van uw schoenen op oneffenheden, ruwe plekken of losliggende voorwerpen.
  • Als u nieuwe schoenen koopt, doe dit dan op het einde van de dag wanneer uw voeten meer gezwollen zijn.
  • Draag altijd kousen om wrijving en irritatie te voorkomen. Draag geen knellende of versleten kousen. Naadloze kousen zijn het best. Kies voor wol of katoen (geen nylon).
 


Beweging

  • Doe regelmatig aan lichaamsbeweging, dit is goed voor de bloedsomloop.
  • Voer dagelijks voetgymnastiek uit.

Als u ’s nachts last heeft van koude voeten, gebruik dan nooit een warmwaterkruik. U kunt beter warme, niet knellende kousen aantrekken.
Roken is ten zeerste af te raden voor diabetespatiënten. De bloedvaten die al beschadigd zijn door de diabetes, worden nog meer beschadigd door het roken.

Neem bij problemen contact op met uw arts.


BEHANDELING VAN DIABETESVOET

Indien u toch een wonde oploopt, wordt deze best behandeld vanuit alle invalshoeken. Hiervoor is een samenwerking tussen verschillende specialisten vereist. Aan de diabetesvoetkliniek zijn vaatchirurgen, een podoloog, een bandagist, een orthopedisch schoentechnicus, een orthopedist, een dermatoloog, een endocrinoloog en een diabetes- wondzorgverpleegkundige verbonden. Samen zorgen ze voor de beste behandeling.

Vaatchirurgie

Vaatlijden wordt in de hand gewerkt door leeftijd, cholesterol, roken en overgewicht. Diabetes verhoogt dit risico. Daardoor is het risico op een amputatie beduidend hoger bij diabetespatiënten. 
Arteriosclerose of slagaderverkalking verhindert de doorbloeding in het lichaam. Een vernauwing van een bloedvat kan evolueren naar een verstopping waardoor een hartinfarct of een beroerte kan ontstaan. In de ledematen treedt, door een verminderde doorbloeding, in de eerste plaats pijn op bij belasting (etalagebenen). Dit kan uiteindelijk leiden tot pijn in rust en het afsterven van weefsels (gangreen).

Onderzoeken

De vaatchirurg wordt meestal pas ingeschakeld in geval van pijn bij stappen of rust. De voet ziet dan bleek in hoogstand en rood bij afhangen. In een verder stadium ontwikkelt de patiënt wonden aan de tenen/voeten. De doorbloeding wordt onderzocht met een drukmeting (doppler), echografie (duplex) of zo nodig een arteriografie (hier wordt kleurstof ingespoten zodat een landkaart kan worden gemaakt van de bloedvaten en de verstoppingen kunnen worden aangetoond)
Denk eraan: niet alleen een regelmatig onderzoek van de benen is noodzakelijk, ook een controle van het hart en de bloedvaten naar het hoofd zijn zeer belangrijk.

Behandeling

Naargelang de vernauwing/verstopping kan worden gekozen voor een endo-vasculaire ingreep (katheter, ballon, stent), een endarterectomie (operatie met uitruimen van de slagader) of een bypass (overbrugging). Een ingreep lost een plaatselijk probleem op, maar verhelpt de aantasting van de bloedvaten elders niet. Het blijft van belang uw bloedvaten te beschermen tegen verdere aantasting.
Diabetes tast vooral de kleinere bloedvaten aan en gaat gepaard met veel kalkafzetting. Dit maakt het werk van de vaatchirurg extra moeilijk. Diabetespatiënten komen op die manier vaker tot een amputatie dan andere vaatpatiënten. De moderne techniek laat meestal toe de patiënt van een prothese te voorzien. Met deze prothese kan de patiënt terug leren stappen.

De orthopedist

De orthopedisch chirurg evalueert en corrigeert stand- en stapafwijkingen bij patiënten met een diabetesvoet. In eerste instantie wordt het loop- en stappatroon van de patiënt beoordeeld en worden steunzolen voorgeschreven of bestaande steunzolen aangepast. Een orthopedische maatschoen wordt voorgeschreven of een bestaande schoen wordt aangepast als een steunzool niet volstaat.
Daarnaast kan de orthopedisch chirurg de stand van de voet operatief behandelen door misvormingen te corrigeren. Deze misvormingen kunnen worden veroorzaakt door de zogenaamde charcot arthropathie. Dit is een stadium in de diabetesvoetaandoening. Hierbij treden door langdurig afwijkende en meestal slecht geregelde suikerspiegels spontane breuken op van één of meerdere beenderen in de middenvoet of de enkel. Eerst wordt een gips aangelegd om de misvormingen van de voet zoveel mogelijk te beperken. Dit kan enkele maanden in beslag nemen. Zijn de breuken genezen en is er toch een misvorming opgetreden waardoor er bijvoorbeeld drukwonden ontstaan, dan kan het noodzakelijk zijn om deze misvormingen operatief te corrigeren.
Soms is een gips noodzakelijk bij patiënten die al een drukwonde hebben ontwikkeld. Het gips verdeelt de druk over de voet waardoor de wonde ontlast wordt en een kans krijgt om te genezen. Nadien is het dragen van speciale zolen, schoenen of een operatieve correctie aangewezen.

De endocrinoloog

Goede bloedsuikerspiegels (glycemiewaarden) zijn van groot belang. We streven naar glycemiewaarden tussen 70 à 130 mg/dl nuchter of tussen 70 en 140 mg/dl overdag. Deze streefwaarden zijn individueel te bepalen in samenspraak met de behandelende arts. Het HbA1c geeft de bloedsuikerspiegel weer van de voorbije drie maanden. De streefwaarde bij diabetespatienten is 7% of lager, wat overeenkomt met 53 mmol/mol of lager. We streven naar een optimale diabetesregeling door drie pijlers toe te passen :

  1. Lichaamsbeweging: regelmatig bewegen, sporten of wandelen, al is het maar een blokje om of te voet naar de bakker. Het is effectiever om bijvoorbeeld drie keer per week 20 minuten te bewegen dan één keer een uur.
  2. Voeding: de inname van koolhydraten (suikers) en vetten beperken. Koolhydraten doen de bloedsuikerspiegel stijgen, verzadigde vetten zetten zich af tegen de wand van de bloedvaten, waardoor vernauwingen optreden. Een diëtist kan u hierin begeleiden en raad geven.
  3. Medicatie of insulinetherapie: therapietrouw is hier zeer belangrijk. Medicatie of insuline moet altijd op doktersvoorschrift worden ingenomen en mag nooit op eigen initiatief worden gestopt. Wie behoort tot de diabetesconventie kan de glycemiewaarden regelmatig controleren met gratis materiaal. Deze waarden moeten regelmatig worden geëvalueerd, zodat de behandeling tijdig kan worden bijgestuurd.

Anderzijds kan je een zorgtrajectcontract sluiten en ook op die manier van nabij gevolgd worden en van bepaalde voordelen genieten. Vraag ernaar bij je huisarts.

De neuroloog

Een aantal klachten van de diabetesvoet worden veroorzaakt door een diabetische zenuwontsteking. Deze zenuwontsteking uit zich vooral ter hoogte van de voeten, treedt dikwijls geïsoleerd op en kan zelfs het eerste teken zijn van een beginnende diabetes. Meestal zijn de gevoelszenuwen eerst betrokken. Dit gaat gepaard met gevoelsstoornissen zoals voosheid en tintelingen ter hoogte van de voeten. Deze symptomen worden geleidelijk intenser en kunnen zeer hinderlijk en pijnlijk worden.

Daarnaast veroorzaakt de diabetische zenuwontsteking ook een vermindering van gevoeligheid (o.a. voor tast, pijn en temperatuur) ter hoogte van de voeten, hetgeen op zijn beurt aanleiding kan geven tot zweren (ulceraties) die door de patiënt niet gevoeld worden. Nauwgezette verzorging van de voeten is dan ook een must. Ook de positiezin van de diabetespatiënt kan gestoord zijn, waardoor hij minder zeker is bij het stappen. Hierbij treden er klachten op van gangonvastheid die toenemen in het duister (waar de visuele controle wegvalt). Het bedienen van gas- en rempedaal in een wagen kan eveneens problemen opleveren.
In een volgende fase treedt krachtsverlies op ter hoogte van de voet met vermindering van de spiermassa ter hoogte van de voeten en enkels. Dit is een gevolg van een aantasting van de (motorische) zenuwen (dit zijn de zenuwen die de spieren bezenuwen).

Behandeling

De behandeling van de pijnlijke diabetesvoet berust vooral op medicatie. Diverse geneesmiddelen hebben een gunstig effect op de pijnbeleving. Goede resultaten worden bekomen met medicatie die oorspronkelijk werd gebruikt bij epilepsie. Deze geneesmiddelen worden, voor de behandeling van de diabetesvoet terugbetaald en hebben meestal slechts beperkte nevenwerkingen. Bepaalde geneesmiddelen die tegen depressie gebruikt worden, hebben een gunstig effect op de pijnlijke diabetesvoet, vooral de zogenaamde tricyclische antidepressiva die echter wat meer bijwerkingen vertonen (o.a. sufheid) en niet aangewezen zijn bij patiënten met bepaalde hartaandoeningen of met prostaatlijden. Nieuwere antidepressiva worden ook met succes aangewend bij de behandeling van de pijnlijke diabetesvoet maar lijken iets minder effectief te zijn dan de oude (tricyclische) antidepressiva. Slechts bij het falen van de hoger vermelde medicatie kan men overgaan tot klassieke analgetica (pijnstillers) maar die geven dikwijls aanleiding tot gewenning.
De beste behandeling blijft de preventie: streven naar een optimale regeling van de diabetes.

De podoloog

De podoloog kan u helpen bij het adviseren van schoenen, screening van uw voeten en voetzorg. Op basis van eenvoudige, pijnloze testen wordt een beeld gevormd van uw voetrisico waarna u in een risicocategorie wordt geplaatst (zie tabel). Aan de hand van het resultaat weet u hoe vaak u het best uw voeten laat controleren bij de podoloog. 

Risicoprofiel Hoe vaak laat u best een voetcontrole doen? 
normale gevoeligheid één keer per jaar
verminderde gevoeligheid twee keer per jaar
verminderde gevoeligheid en/of doorbloeding en/of voetmisvorming vier tot acht keer per jaar
doorgemaakte wonde (ulcus) zes tot twaalf keer per jaar

De podoloog zal de arts bijstaan in de wondbehandeling, onder andere door het verwijderen van eelt aan de wondrand en door het verminderen van de druk met vilt, aangepast schoeisel ... Als de wonde genezen is, kan op lange termijn een siliconeorthese helpen om ter hoogte van de tenen druk en wrijving blijvend te verminderen. Na genezing bestaat er een verhoogde kans op nieuwe wonden. De podoloog staat in voor opvolging en controle.

De wondzorgverpleegkundige

De diabetes-wondzorgverpleegkundige onderzoekt de voeten op aanwezigheid van huiddefecten, vooral tussen de tenen en aan de achterkant ter hoogte van de hiel. Deze letsels kunnen verschillende oorzaken hebben en tot complicaties leiden die zelfs soms een amputatie vereisen. 

Huiddefecten kunnen leiden tot osteomyelitis of een infectie van het bot. De verpleegkundige zal samen met de arts het wondzorgbeleid bepalen. Er zal altijd eerst worden gezocht naar de oorzaak van de wonde: meestal is dit door druk (bv. door slechte schoenen) of vaatproblematiek (onvoldoende doorbloeding). Daarna bepaalt men de behandeling van eventuele infectie (start antbiotica en wegsnijden van beslag en dood weefsel) en wordt er een verband gekozen. Vóór het aanbrengen van het verband en vóór de toepassing van een antisepticum is het belangrijk om de wonde goed te reinigen. Een wonde wordt steeds afgedekt, ter preventie van infectie. De wondzorgverpleegkundige neemt ook meestal een foto van de wonde zodat de evolutie kan worden opgevolgd.

De orthopedisch schoentechnoloog

Binnen het team van de voetkliniek kan u bij de orthopedisch schoentechnoloog terecht voor verband- of ontlastingsschoenen, steunzolen, semi-orthopedische en orthopedische schoenen. 

Verbandschoenen

De arts kan tijdens de behandeling kiezen voor het gebruik van een verbandschoen om de genezing te bespoedigen. Naargelang het type verbandschoen voorziet de mutualiteit een tussenkomst.

Steunzolen

De voeten vormen de basis van ons lichaam en beïnvloeden de knieën, heupen en rug. Een steunzool kan de voet op een correcte manier ondersteunen, ontlasten of corrigeren. De patiënt wordt grondig onderzocht. Daarna wordt samen met de arts beslist aan welke eigenschappen de steunzolen moeten voldoen om een optimaal resultaat te bereiken. Elke pathologie heeft namelijk zijn specifieke noden betreffende materiaalkeuze. Indien de steunzolen worden voorgeschreven door een geneesheer-specialist, is er een gedeeltelijke terugbetaling van de mutualiteit mogelijk. Volwassenen hebben om de 2 jaar recht op steunzolen. Personen jonger dan 18 jaar hebben jaarlijks recht.

Semi-orthopedische schoenen

Semi-orthopedische schoenen zijn schoenen die gemaakt zijn op een aangepaste leest (breedtematen) en vervaardigd zijn uit specifieke materialen om drukpunten te voorkomen. Er is ook ruimte voorzien voor steunzolen. Deze schoenen zijn nodig wanneer de voet afwijkingen vertoont die niet meer te schoeien zijn met confectieschoenen. De keuze van modellen en kleuren is groot; voor elk wat wils! Op onze dienst zijn er pasmodellen aanwezig. De mutualiteit voorziet een jaarlijkse terugbetaling van ongeveer 140 EUR voor diabetespatiënten en mits voorschrift van de geneesheer-specialist. Het persoonlijk aandeel is afhankelijk van het gekozen model.

Orthopedische schoenen

Wanneer steunzolen en/of semi-orthopedische schoenen onvoldoende helpen, kan in overleg met de arts gekozen worden voor orthopedische schoenen. Deze schoenen zijn volledig op maat en volgens de noden van de patiënt gemaakt. De klant heeft keuze uit een ruim assortiment modellen, kleuren en materialen. Uiteraard wordt dit besproken met de arts en de schoenmaker om tot een functioneel goede en esthetisch aanvaardbare schoen te komen. De mutualiteit betaalt de schoenen grotendeels. Bij de A-categorie is er een persoonlijk aandeel van ongeveer 35 EUR met een jaarlijkse hernieuwing levenslang. Bij de B-categorie betaalt men 138 EUR zelf en heeft men jaarlijks recht op nieuwe schoenen tot de leeftijd van 65 jaar. Na de leeftijd van 65 jaar is er slechts een terugbetaling om de twee jaar.

 

Terugbetalingen

Wie niet tot de conventie behoort of in een zorgtraject zit, wordt best opgevolgd via het voortraject diabetes, beheerd door de huisarts. Dit geeft recht op gedeeltelijke terugbetaling van twee consultaties per jaar voor diëtetische en podologische consultatie en ook op consultaties in de voetkliniek. Voor de podologische  verstrekkingen geldt ook dat wanneer de patiënt een voetrisico heeft (neuropathie, orthopedische misvormingen, vasculair lijden, een gewezen wonde, een amputatie of een charcotvoet), hij tweemaal per jaar recht heeft op gedeeltelijke terugbetaling van de mutualiteit, mits een voorschrift met vermelding van de risicograad. Dit laatste kan de huisarts of de specialist schrijven.

 

IKED-voet

In 2006 ontstond het project IKED-voet (Initiatief voor Kwaliteitsbevordering en Epidemiologie bij Multidisciplinaire Diabetes Voetklinieken). De erkende diabetische voetklinieken zijn verplicht om aan dit project deel te nemen. Het project beoogt twee doelstellingen:

  • de kenmerken, de behandelingen en de complicaties bij de patiënten die in de Belgische diabetescentra voor voetcomplicaties worden behandeld beter begrijpen.
  • de kwaliteit van de zorgverlening in deze centra evalueren en verbeteren door middel van gegevensverzameling en feedback naar de centra.

Gegevensverzameling

Het project IKED-voet heeft de goedkeuring gekregen van de privacycommissie om persoonlijke en medische gegevens binnen een duidelijk omlijnd kader te gebruiken. Meer informatie vindt u op www.privacycommission.be. Er worden persoonlijke en medische gegevens doorgestuurd naar het WIV-ISP (Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid – Institut Scientifique de Santé Public). Dit gebeurt anoniem, dus zonder vermelding van naam of volledige geboortedatum. Dankzij de gegevensverzameling kunnen de diabetische voetklinieken op anonieme wijze met elkaar vergeleken worden. De centra kunnen zo hun sterke en zwakke punten achterhalen en werken aan verbetering.

Wilt u niet dat uw gegevens worden gebruikt?

  • U heeft het recht om de doorgestuurde gegevens in te kijken en aan te passen.
  • U heeft ook het recht om te weigeren dat het WIV-ISP uw gegevens verzamelt. 
  • In beide gevallen geeft u dit door aan de behandelende arts die dan de nodige stappen zal ondernemen. 

Vragen? Indien u nog vragen of problemen heeft, kunt u deze gerust stellen aan uw behandelende arts of het verplegend personeel.

 

         

Artsen