09 224 61 11

Lettergrootte: a a a

Prostaatoperatie via de plasbuis of TURP (transurethrale resectie van de prostaat)

Dit is een gedeeltelijke verwijdering van de prostaat via de plasbuis, waarbij via een buisje de prostaat als het ware wordt weggeschraapt: vergelijk het met het uithollen van een appel vanuit het klokhuis waarbij uiteindelijk alleen de schil overblijft. De operatie vindt meestal plaats onder volledige verdoving, soms ook onder plaatselijke verdoving waardoor het onderlichaam gevoelloos is. De instrumenten die noodzakelijk zijn voor de operatie worden via de cystoscoop in de blaasholte gebracht. Om de prostaat te verwijderen maakt men gebruik van een dunne metalen draad, een diathermische lis. Deze draad wordt rond de prostaat geschoven en door elektrische stroom wordt laagje per laagje weggesneden. Doorheen de operatie wordt de blaas met water gespoeld.

 

De dag voor de operatie

  • Uw huisarts zorgt voor een bloedonderzoek en een hartonderzoek. Indien dit niet het geval is, zal men in het ziekenhuis deze onderzoeken nog uitvoeren. Uw arts beslist of er nog een radiografie van de longen moet worden uitgevoerd.
  • U komt de dag voordien binnen, ofwel op de dag van de operatie. Dit wordt op voorhand afgesproken met uw behandelende arts.
  • Als u dezelfde dag binnenkomt, moet u nuchter zijn en blijven tot na de operatie.
  • Het uur van de operatie zal u worden meegedeeld door de verpleegkundige. Door bepaalde aanpassingen in het operatieprogramma kan dit uur soms wijzigen.
  • Indien u bloedverdunners neemt zoals vb Asaflow, Aspirine, Marevan of andere dient u deze minstens zeven dagen voor de operatie te stoppen. Informeer altijd eerst bij uw huisarts of behandelende dokter.

 

De dag van de operatie

  • Voor de operatie krijgt u een antibioticum toegediend dat u mag innemen met een slokje water. Nadien blijft u verder nuchter.
  • Er worden anti -trombosekousen aangepast. Mocht u deze thuis in uw bezit hebben, gelieve deze dan zeker mee te brengen.
  • Net voor de operatie krijgt u een licht kalmeermiddel, voorgeschreven door de anesthesist.
  • Na een seintje van het operatiekwartier wordt u in uw bed naar de voorbereiding van de operatiekamer gebracht. Daar kan u met eventuele vragen of bemerkingen nog bij de anesthesist terecht. In de voorbereidingskamer wordt ook een infuus geplaatst ter voorbereiding op de narcose.

 

Zorgen na de operatie

  • Na de operatie blijft u nog even in de ontwaakkamer van het operatiekwartier tot u goed wakker bent. De anesthesist beslist wanneer u terug naar de kamer kunt. In de ontwaakkamer is er geen bezoek van de familie toegelaten.
  • U heeft een infuus (kathetertje) in de arm of hand. Een dergelijke ingreep kan gepaard gaan met bloedverlies, dat echter meteen weer uit de prostaat/blaas wordt weggespoeld. Na de ingreep blijft enige tijd een katheter (een kunststofslangetje) via de plasbuis in de blaas zitten om bloed - en weefselresten te kunnen uitspoelen. Dit kan een vervelend gevoel met zich meebrengen, nl. steeds het gevoel hebben te moeten plassen of het gevoel hebben niet meer te kunnen plassen. Vraag steeds het advies van de verpleegkundige: soms heeft u gewoon blaaskrampen die door toediening van aangepaste medicatie zullen verdwijnen. Het kan ook zijn dat de spoelsonde verstopt zit door klontervorming, waarbij deze manueel zal gespoeld worden door de verpleegkundige. De katheter wordt steeds op het bovenbeen vastgekleefd.
  • Het is zeker normaal dat de urine na de operatie bloederig is, daar hoeft u niet van te schrikken.
  • Er is regelmatig controle van bloeddruk en pols, ook gedurende de nacht.
  • De verpleegkundige zal u meedelen vanaf wanneer u iets mag drinken.

 

De eerste dagen na de operatie

  • Uw behandelende arts komt langs en zal beslissen of de continue spoeling mag stoppen en het infuus in uw arm eruit mag of niet. De blaassonde blijft zeker nog 1 dag ter plaatse. Als het spoelsysteem gestopt wordt, zal men u vragen om zeker voldoende te drinken, minstens 2 flessen water per dag.
  • Op de tweede dag na de operatie zal de arts oordelen of de blaassonde kan verwijderd worden. In dit geval zal u gevraagd worden om telkens in een maatbeker te plassen en de hoeveelheid te noteren op een daartoe voorzien formulier. Het is mogelijk dat het plassen de 1e maal branderig aanvoelt of dat u niet snel genoeg op het toilet bent waarbij u de urine spontaan verliest: dit is normaal, u hoeft zich hierover geen zorgen te maken, dit zal spontaan verdwijnen. Daarom wordt er steeds aangepast opvangmateriaal voorzien.
  • De derde dag na de operatie zal de arts beslissen of u naar huis kunt: dit hangt af van het feit of u voldoende kan plassen en de urine niet meer te bloederig is.
  • Belangrijk om hier te vermelden is dat bij zaadlozing het zaad de verkeerde kant uitgaat, namelijk naar de blaas, doordat het kleine afsluitspiertje dat dit normaal verhindert, bij de ingreep altijd sneuvelt, vandaar een droge zaadlozing.
  • Wacht steeds op de verpleegkundige voor u naar huis gaat. Zij maakt voor u nog een controleafspraak bij de dokter en bezorgt u ook een ontslagbrief waarop nuttige instructies instaan.
  • Enkele tips: zware inspanningen, fietsen en seksuele betrekkingen, mogen niet gedurende 6 weken. Vermijd teveel koffie, pikante voeding en overmatig gebruik van alcohol.
 
Laatste update 01/12/2017 - team urologie, andrologie en steenkliniek