09 224 61 11

Lettergrootte: a a a

Urge incontinentie

Als de blaas niet normaal werkt kan het zijn dat ze teveel of te weinig werkt. In dit laatste geval is de blaas lui en kan zij onvoldoende samentrekkingskracht ontwikkelen. In het andere geval trekt de blaas samen of is haar capaciteit beperkt en moet zij zich frequenter legen zonder reden. M.a.w. de blaas is overactief en dit kan in sommige gevallen aanleiding geven tot urineverlies.

Een samentrekking van de blaas ontwikkelt zich normaalgezien alleen tijdens de mictie (=het plassen) en staat onder controle van de wil. Wanneer bij een patiënt een samentrekking van de blaas buiten de wil ontstaat, resulteert dit in een heftige aandrang tot plassen al dan niet met urineverlies. Er is dan sprake van blaasinstabiliteit. Klachten van aandrang en incontinentie kunnen zich ook voordoen als de blaas haar elasticiteit verliest.

Talrijke afwijkingen kunnen aanleiding geven tot een overactieve blaas. Uit het voorafgaande is het duidelijk dat er een onderscheid dient te zijn tussen ziekten die instabiliteiten veroorzaken en deze die de blaascapaciteit beperken. Instabiliteiten zijn dikwijls het gevolg van blaasprikkeling of een obstructie in de lage urineweg.

Blaasprikkeling kan optreden bij urineweginfecties, blaasstenen, blaasgezwellen, tumoren in het kleine bekken en endometriose (de aanwezigheid van baarmoederslijmvlies buiten de baarmoederholte, vb in de eierstokken of buikholte). De lage urinewegobstructie door prostaat of blaaspathologie maakt de blaas ook overgevoelig met instabiliteiten als gevolg.

Totaal onverwacht, soms bij een kleine blaasinhoud trekt de blaasspier plots samen. Dit is het begin van de mictie en dit wordt ook zo door de patiënt ervaren. Daarom gaan de patiënt de knieën tegen elkaar knijpen, op de punt van een stoel gaan zitten,... Dit zijn houdingen om het urineverlies tegen te gaan. Daarnaast gaat de patiënt minder drinken en op voorhand proberen wateren waardoor de blaas steeds kleiner wordt en de symptomen steeds erger. Wanneer deze contracties 's nachts optreden en de patiënt niet tijdig wakker wordt, zal hij bedwateren. Soms worden deze instabiele contracties van de blaas verward met blaasontstekingen aangezien ze naast frequent plassen en aandrang, ook pijnklachten veroorzaken ter hoogte van het plaskanaal. Wanneer deze contracties zo hevig zijn dat de sluitspier ze niet kan ophouden treedt drang of “urge” incontinentie op . Dit is een zeer vervelende vorm van urineverlies, omdat ze onverwacht optreedt en soms gepaard gaat met een grote hoeveelheid verlies.

Bij typische klachten kan de diagnose gesteld worden aan de hand van een anamnese (= een gesprek met de arts over het ontstaan van de ziekte en vroegere ziekten) en een mictielijst. Een mictielijst is een lijst waarop het uur en de hoeveelheid van het plassen worden genoteerd. Het urodynamisch onderzoek is zeer belangrijk in het stellen van de diagnose.

De behandeling bestaat dikwijls uit een combinatie van medicatie, kinesitherapie en blaastraining.
De voeding speelt hier ook een rol: prikkelende stoffen zoals koffie, kruiden, cola en degelijke meer dienen in de voeding gemeden te worden.
De patiënt moet een gezonde drink- en plasgewoonte aannemen, nl. voldoende drinken en proberen ophouden om de blaascapaciteit op te drijven tot een normaal volume.
De bekkenbodemkinesitherapie beoogt het versterken van de bekkenbodemspieren zodat de patiënt kan reageren met een krachtige bekkenbodemcontractie (samentrekking). Dit is beter om urineverlies tegen te houden dan vb. de knieën samen te trekken.

Sommige medicatie onderdrukt de blaassamentrekking zodat er minder instabiliteit optreedt en de blaascapaciteit toeneemt. De bijwerkingen zijn echter droge mond, slechte smaak en constipatie zodat niet alle patiënten de medicatie blijven nemen. Er is nieuwe medicatie op de markt met minder bijwerkingen, maar ze is helaas erg duur en wordt niet altijd terugbetaald.

Er zijn ook heelkundige behandelingen mogelijk.

 

Laatste update 01/12/2017 - team urologie, andrologie en steenkliniek